bouwjaar
verdwenen
Op 22 december 1951 werd een sloopvergunning verleend.
eigendomshistorie

De laatste molenaar was oa: was S. Kuper.

geschiedenis

Poldermolen van de Noorder Olingerpolder, groot 205 ha.

Het bouwjaar van deze molen is volgens het Groninger Molenbestand 1878.
Het molenhuis daterend uit 1872 staat er nog, het adres is De Groeve wz 6.
Bron: Boerderijen en molens in de gemeente Appingedam, Jan Evert Emmelkamp, 2005.

De Noorder Olingerpolder werd bemalen door de molen links van de sluis.
De molen was uitgerust met een vijzel van 1.32 meter diameter en bracht het water zo'n twee meter omhoog.
Rechts op de voorgrond stond de Leeghwatermolen. De molen had een vlucht van 18,10 meter en een vijzel van 1.15 meter.
Het Zuidelijke deel van de polder werd na aanleg van het Eemskanaal bij het waterschap De Nijverheidspolder gevoegd.
Molen De Leeghwater werd omstreeks 1939 gesloopt en de in 1871 gebouwde molen van de Noorder Olingerpolder werd in februari 1952 gesloopt.

jnjv, Bron; de Nieuwe Zelfzwichter 04 - '99 H.A. Hachmer

trivia

NB Na vernieuwing van de sluis is de plek van de molen aan de andere zijde terechtgekomen.

Op afbeelding 1. de sluis naar het Eemskanaal, met aan weerszijden twee molens.
Deze sluis was nodig omdat dit in de jaren '70 van de vorig eeuw aangelegde kanaal, de Groeve, doorsneed.
Zowel aan de noord- als aan de zuidzijde van het kanaal werd een schutsluis ten behoeve van de scheepvaart aangelegd.
De aanleg van het Eemskanaal had tot gevolg dat vele polders in tweeën werden gesneden. Zo ook de Olinger polder, de Leeghwaterpolder en de Nijverheidspolder.
De Olingepolder werd verdeeld in een Zuider Olingerpolder en een Noorder Olingerpolder. De zuidelijke polder werd bemalen door een op 20 augustus 1900 door brand vergane poldermolen die werd vervangen door de huidige Olinger Koloniemolen.
Rechts achter de Leeghwatermolen is nog net de schoorsteen van strokartonfabriek De Eendracht te Appingedam